Hieronder vindt u informatie over enkele recent georganiseerde activiteiten van de VAR, Vereniging voor Bestuursrecht.
Studiemiddag Interbestuurlijk toezicht - 21 januari 2011
Op vrijdag 21 januari 2011 organiseerde de VAR Vereniging voor Bestuursrecht een studiemiddag over nieuwe ontwikkelingen in het interbestuurlijk toezicht.
Aanleiding
Bij de Tweede Kamer is het wetsvoorstel Revitalisering generiek toezicht aanhangig (kamerstuk nr. 32 389). Dit voorstel strekt tot wijziging van het stelsel van interbestuurlijk toezicht, waarbij uitgangspunt is het door de Commissie Oosting beleden adagium 'van specifiek naar generiek'. Als dit voorstel wet wordt, brengt dat een aantal belangrijke wijzigingen mee voor overheden op nationaal en decentraal niveau. Zo moet de figuur van de spontane vernietiging in het nieuwe stelsel een belangrijker betekenis krijgen. Alvorens juridische interventies worden gepleegd, is vanzelfsprekend eerst bestuurlijk overleg aangewezen. Tegen die achtergrond voorziet de wet in een 'interventieladder', waarbij verschillende fasen in het bestuurlijk voortraject worden onderscheiden.
Daarnaast spelen interessante ontwikkelingen op het vlak van het toezicht op de naleving van Europees recht door decentrale overheden. Het wetsvoorstel Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten, aanhangig bij de Eerste Kamer (kamerstuk nr. 32 157), voorziet erin dat het Rijk kan ingrijpen wanneer decentrale overheden tekortschieten in de naleving van Europeesrechtelijke verplichtingen, vanuit de gedachte dat de Staat daarvoor ook aansprakelijk is. Alles reden genoeg om aan de bovenstaande onderwerpen een VAR-studiemiddag te wijden.
Sprekers
Inleidingen werden verzorgd door prof.mr. Sjoerd Zijlstra (hoogleraar aan de VU), mr. Christien de Kruijf (docent aan de Universiteit Leiden) en mr.dr. Henk de Vries (beleidsadviseur bij de provincie Utrecht).
Jonge VAR - 12 november 2010
Het onderwerp van dit jaar was: Een informele aanpak bij bestuursrechtelijke besluitvorming. Als preadviseurs traden op: Hanna Tolsma (Rijksuniversiteit Groningen),
Ineke van Leeuwen (De Kempenaer advocaten) en Francisca Dijk en Charlotte Heinen (UWV)
Niet elk conflict met de overheid laat zich het best beslechten via de weg van bezwaar en beroep. In situaties waarin het bestuur beleids- en/of beoordelingsvrijheid heeft, of waarin het conflict meer omvat dan alleen de inhoud van het besluit, zijn alternatieven in beeld, hetzij ter oplossing van reeds ontstane conflicten, hetzij ter voorkoming van potentiële of dreigende conflicten.
Wanneer is toepassing van een alternatief de moeite van het overwegen waard? Om wat voor alternatieven gaat het concreet? Wat zijn de juridische en niet-juridische obstakels om een van de alternatieven te beproeven? En in hoeverre zijn die obstakels overkomelijk?
De drie preadviseurs belichtten deze vragen vanuit verschillende invalshoeken.
- Tolsma ging in op de vraag wat de juridische mogelijkheden en valkuilen zijn, als de overheid wil proberen door middel van overleg potentiële conflicten over besluitvorming voor te zijn.
- Van Leeuwen richtte zich met name op overleg in handhavingskwesties.
- Dijk en Heinen bespraken ten slotte de problematiek vanuit het gezichtspunt van een grote overheidsorganisatie die veel conflictgevoelige besluiten neemt.
De preadviezen zijn inmiddels verschenen in de
Jonge VAR-reeks, nr. 9.
Studiemidddag Wet aanpassing bestuursprocesrecht - 28 oktober 2010
Op 28 oktober 2010 vond een zeer druk bezochte studiemiddag plaats over in augustus 2010 bij de Tweede Kamer ingediende wetsvoorstel 'Wet aanpassing bestuursprocesrecht' (Wab, TK 32 450).
- Mr.drs. Dorien Brugman (wetgevingsjurist bij het Ministerie van Veiligheid en Justitie) gaf een inleidende beschouwing over de inhoud van de Wab en andere procesrechtelijke noviteiten.
- Daarna ging mr. S. van Heukelom-Verhage (advocaat bij Pels Rijcken) nader in op de voorstellen die de rechtseenheid beogen te bevorderen.
- Mr.drs. Th.G.M. Simons besprak enkele bijzonderheden van het hoger beroep en het incidenteel beroep.
- Mr.drs. D.A. Verburg zette uiteen hoe de nieuwe regeling over vervangende besluiten (6:18/6:19) en de wijzigingen in artikel 8:72 in elkaar steken.
- In een intermezzo ging mr C. Schaap (raadsheer bij de Hoge Raad) tenslotte nog in op ervaringen van de belastingrechter met het incidenteel beroep.
Een verslag van de studiemiddag verscheen in het Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht (2011/1-2, nr. 4).
Studiemiddag Dwangsom en beroep niet tijdig beslissen - 25 juni 2010
Op 25 juni 2010 organiseerde de VAR Vereniging voor Bestuursrecht een studiemiddag over Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen.
Op 1 oktober 2009 is deze wet in werking getreden. Bestuursorganen blijken met veel vragen te zitten over de toepassing van de regeling, zo blijkt uit de hulpvraag bij het ministerie van BZK. Ook rechtshulpverleners is nog niet alles duidelijk, gelet op de fouten die er worden gemaakt bij procedures tegen niet tijdig besluiten. Inmiddels is de eerste rechtspraak afgekomen die een beeld geeft van de (on)mogelijkheden van deze regeling. Maar ook uit die rechtspraak volgt dat er in de praktijk een fors aantal haken en ogen aan de regeling zit.
De VAR heeft willen bijdragen aan het debat over deze wettelijke regeling door er een studiemiddag over te organiseren. Daarbij stond de toepassing van de regeling in de praktijk voorop. Korte inleidingen van drie deskundige sprekers werden afgewisseld met veel ruimte voor discussie en het beantwoorden van vragen.
Sprekers
- In eerste instantie voerde het woord: mr. Merel Koppenol, jurist bij het ministerie van BZK (directie CZW). Zij gaf uitleg over het dwangsomdeel en ging in op de vragen van bestuursorganen.
- Verder sprak mr.drs. Rogier Stijnen, stafjurist bij de rechtbank Rotterdam en auteur van het artikel: Wet dwangsom en beroep bij niet tijdig beslissen (I en II, NJB 2010), die een toelichting gaf op de wijze waarop de rechtbanken omgaan met de regeling van het rechtstreeks beroep.
- Tot slot werd een overzicht van (lessen uit) de rechtspraak verzorgd door
mr. Christien M. Saris, advocaat bij Stibbe in Amsterdam, die de problematiek benaderde vanuit de praktijk van de rechtshulpverlener.
De presentaties van de inleiders zijn te vinden op een afzonderlijke
pagina van deze website.
VAR-jaarvergadering - 21 mei 2010
Jaarrede 2010
Voorafgaand aan de bespreking van de preadviezen hield de voorzitter, Bart Jan van Ettekoven, zijn Jaarrede, getiteld:
'Over rechtsverwerking. Naar een nieuw evenwicht tussen respect & daadkracht', over ontwikkelingen in de finale beslechting van
bestuursgeschillen.
Preadviezen - De toegang tot de rechter beperkt
Dit thema werd belicht in drie preadviezen, van de hand van:
mr.dr. J.C.A. de Poorter (Raad van State), prof.mr. G.T.J.M. Jurgens (Universiteit Utrecht) en mr. H.J.M. Besselink (Pels Rijcken).
De preadviezen behandelen verschillende toegangsbeperkingen, zoals de goede procesorde, artikel 6:13 Awb (onderdelenfuik), en de invoering en toepassing van een relativiteitseis. De relativiteitseis komt in twee preadviezen uitvoerig aan de orde. Dit is een bijzonder actueel onderwerp, mede gelet op de inwerkingtreding van de Crisis- en herstelwet op 31 maart jl. Zoals
bekend, is in artikel 1.9 van die wet een relativiteitseis opgenomen. Ook in de dit voorjaar bij de Tweede Kamer in te dienen Wet Aanpassing bestuursprocesrecht zal - naar verluid - een relativiteitseis worden opgenomen.
Een bespreking van de preadviezen verscheen in het meinummer 2010 van het Nederlands Tijdschrift voor Bestuursrecht, van de hand van prof.mr. F.C.M.A. Michiels.
Het verslag van de discussie en de stemmingen over de stellingen van de preadviseurs
zal volgend jaar worden gepubliceerd in de VAR-reeks.
De tekst van de jaarrede van de voorzitter en de bespreking van de preadviezen door prof. Michiels zijn te vinden op een
afzonderlijke pagina van deze website.